Home > Nieuws > Nieuwe zzp-regels: wat het rechtsvermoeden en de Zelfstandigenwet voor jou betekenen
Nieuwe zzp-regels: wat het rechtsvermoeden en de Zelfstandigenwet voor jou betekenen

Er gebeurt op dit moment veel rond werken als zzp'er. Ondersteun je ondernemers online, bijvoorbeeld als virtual assistant, online business manager, social media manager of appointmentsetter? Dan zijn twee ontwikkelingen belangrijk voor je: een nieuwe regel die op 31 december 2026 ingaat, en een wetsvoorstel dat sinds 1 oktober ter consultatie ligt. Het een staat vast, het ander nog niet. Daarom zet ik ze apart op een rij.
Heb je eerder over het wetsvoorstel VBAR gelezen? Daar is veel aan veranderd. Het deel dat moest verduidelijken wanneer je werknemer bent, heeft het kabinet in maart 2026 geschrapt. Alleen het rechtsvermoeden bij een laag uurtarief is overgebleven, en dat is inmiddels wet.
In het kort
- Vanaf 31 december 2026: werk je voor een bedrijf of organisatie (dus niet voor een particulier) tegen een uurtarief van € 38 of minder (het bedrag per 1 januari 2026; het precieze bedrag bij de start volgt nog), dan kun je je erop beroepen dat je eigenlijk werknemer bent. Je opdrachtgever moet dan bewijzen dat dat niet zo is.
- Nog een voorstel: de Zelfstandigenwet. Voldoe je aan twee toetsen, dan staat vast dat je als zelfstandige werkt. Het kabinet wil dat deze wet op 1 januari 2028 ingaat.
- Wat blijft: of je zelfstandige of werknemer bent, wordt tot de Zelfstandigenwet er is op dezelfde manier beoordeeld als nu. Het rechtsvermoeden verandert alleen wie wat moet bewijzen. De Belastingdienst handhaaft sinds 1 januari 2025 weer volledig op schijnzelfstandigheid, tot 1 januari 2027 nog met een "zachte landing": wel verzuimboetes, nog geen vergrijpboetes.
Wat vaststaat: het rechtsvermoeden bij een laag uurtarief
Wat houdt het in?
De nieuwe regel komt erop neer dat wie voor een ander werkt tegen een beloning van ten hoogste een bepaald bedrag per uur, wordt vermoed dat te doen op basis van een arbeidsovereenkomst. In de wet zelf staat € 36, maar dat bedrag wordt twee keer per jaar aangepast, op dezelfde manier als het wettelijk minimumloon. Omgerekend naar 1 januari 2026 komt het uit op € 38. Welk bedrag precies geldt als de regel ingaat, legt de minister nog vast, en op 1 januari 2027 kan het alweer veranderen.
Let op het woord "ten hoogste": ook wie precies op de grens zit, valt eronder.
Wat betekent een rechtsvermoeden?
Normaal moet jij bewijzen dat je eigenlijk werknemer bent. Met dit rechtsvermoeden draait dat om. Beroep jij je erop en onderbouw je met feiten dat je tegen betaling voor je opdrachtgever werkt en dat je uurtarief op of onder de grens ligt, dan moet je opdrachtgever bewijzen dat er géén arbeidsovereenkomst is. Lukt dat niet, dan kun je aanspraak maken op de rechten van een werknemer, zoals loon bij ziekte en ontslagbescherming.
Een paar dingen om te weten:
- Het gaat niet vanzelf. Jij moet je erop beroepen, eventueel met hulp van bijvoorbeeld een vakbond. De Belastingdienst, het UWV en de Arbeidsinspectie passen het rechtsvermoeden zelf niet toe. Zij blijven op de gewone manier beoordelen of er sprake is van een arbeidsovereenkomst.
- Het is geen minimumtarief. Je mag als zzp'er onder de grens werken. En boven de grens kun je nog steeds schijnzelfstandig zijn.
- Het geldt niet als een particulier je inhuurt voor privédoeleinden. Werk je voor een bedrijf, een andere zzp'er of een organisatie zoals een stichting of vereniging, dan geldt het wel.
- Het geldt ook voor lopende opdrachten. Loopt jouw opdracht op 31 december 2026 nog, dan kun je je er vanaf die datum op beroepen. Blijkt er een arbeidsovereenkomst te zijn, dan geldt die volgens de regering voor de hele duur van die arbeidsrelatie, dus ook voor de tijd vóór 31 december 2026.
Hoe bereken je je uurtarief?
Het gaat om wat je per opdracht echt betaald krijgt voor je werk, zonder btw. Zitten in je prijs ook kosten die je speciaal voor deze opdracht maakt, bijvoorbeeld software die je alleen voor deze klant aanschaft of iemand die je voor deze opdracht inhuurt, dan gaan die eraf. De uren die je aan deze opdracht besteedt tellen mee, ook voorbereidingstijd. Tijd voor je eigen administratie of acquisitie telt niet mee.
Werk je met een vaste prijs of een pakketprijs? Dan kan het rechtsvermoeden ook gelden. Wie zich erop wil beroepen, moet dan aannemelijk maken hoeveel uur er tegenover die prijs stond, zodat duidelijk wordt welk uurtarief dat feitelijk is.
Wat betekent dit voor jou?
Zit je ruim boven de grens, dan verandert er door deze regel weinig voor jou. Zit je op of onder de grens, of er dichtbij, bijvoorbeeld omdat je net start, een instaptarief hanteert of korting geeft bij veel uren? Reken dan je werkelijke uurtarief eens uit. Een opdrachtgever die jou op of onder de grens inhuurt, loopt een groter risico en kan daardoor voorzichtiger worden. En andersom: werk je op of onder de grens en vind je dat je eigenlijk werknemer bent, dan sta je vanaf 31 december 2026 sterker. Je hoeft dan eerst alleen met feiten te onderbouwen dat je tegen betaling voor je opdrachtgever werkt en dat je tarief op of onder de grens ligt. Daarna is je opdrachtgever aan zet. Komt die met voldoende concrete feiten dat er toch geen arbeidsovereenkomst is, dan moet jij alsnog bewijzen dat je werknemer bent.
Nog een voorstel: de Zelfstandigenwet
Sinds 1 oktober 2026 ligt het wetsvoorstel Zelfstandigenwet ter internetconsultatie. Tot en met 29 oktober kan iedereen erop reageren. Het is dus nog een concept. De tekst kan veranderen en de Tweede en Eerste Kamer moeten er nog over stemmen. Het kabinet mikt op 1 januari 2028. Volgens het voorstel geldt de wet dan meteen, ook voor samenwerkingen die op dat moment al lopen.
Het idee: een veilige haven
De wet geeft geen nieuwe definitie van werknemer. Ze regelt wanneer in ieder geval vaststaat dat je níet in dienst bent van je opdrachtgever. Daarvoor moet je aan twee toetsen voldoen: de zelfstandigentoets en de werkrelatietoets. Voldoe je in de praktijk aan alle criteria van beide toetsen, dan staat vast dat er geen arbeidsovereenkomst is en dat je als zelfstandige werkt. Wat er op papier staat telt mee, maar hoe jullie echt samenwerken geeft de doorslag.
Voldoe je aan één criterium niet, dan ben je niet automatisch werknemer. Je situatie wordt dan beoordeeld zoals nu, waarbij alle omstandigheden samen worden gewogen. Je mist alleen de zekerheid van de veilige haven. Werk je op of onder de tariefgrens, dan blijft ook het rechtsvermoeden gewoon gelden.
De zelfstandigentoets kijkt naar jou als ondernemer
- Je basis is op orde. Welke kenmerken precies gelden, wordt later in een algemene maatregel van bestuur vastgelegd. Het voorstel noemt: je staat ingeschreven bij de KVK, hebt een btw-nummer (als je dat nodig hebt) en een aparte rekening voor je zakelijke betalingen (een zakelijke rekening, of een privérekening die je vooral zakelijk gebruikt), je bent zelf verantwoordelijk voor je facturen, je hanteert een betalingstermijn voor je klanten, en je betaalt zelf je leveranciers en bent daarop aanspreekbaar als je te laat betaalt.
- Je hebt meerdere opdrachtgevers. Minstens drie, en werk in loondienst telt niet mee. Over welke periode precies, is nog niet helemaal duidelijk: de conceptwettekst spreekt van "de periode tot en met vorig kalenderjaar", de toelichting telt het vorige en het lopende kalenderjaar samen. Het moeten volwaardige opdrachten zijn: een paar piepkleine klusjes alleen om aan het aantal te komen, tellen niet. Werk je via een bureau dat jou bij verschillende klanten inzet, dan telt dat bureau als één opdrachtgever. Brengt een bemiddelaar of platform je alleen in contact met klanten en sluit je de overeenkomst met die klant zelf, dan tellen die klanten wel apart. Ben je net gestart of werk je vooral voor één grote opdrachtgever, dan haal je dit criterium (nog) niet.
- Je besteedt jaarlijks een minimumbedrag aan voorzieningen tegen ondernemersrisico's, zoals een arbeidsongeschiktheidsverzekering, pensioenopbouw of een aansprakelijkheidsverzekering. Hoe hoog dat bedrag wordt, staat nog niet vast.
De werkrelatietoets kijkt naar de opdracht
- Jullie willen allebei geen arbeidsovereenkomst, en dat blijkt ook uit hoe jullie samenwerken. Het alleen op papier zetten is niet genoeg.
- Jij bepaalt hoe je het werk doet. Je opdrachtgever mag zeggen wát er moet gebeuren en redelijke aanwijzingen geven, maar niet voorschrijven hoe je werkt. Heeft je opdrachtgever het recht om dat wel te doen, dan voldoe je niet, ook als hij dat in de praktijk nooit gebruikt.
- Jij bepaalt waar en wanneer je werkt. Volgens de toelichting telt het niet tegen je als het werk alleen op een bepaalde plek of op een bepaald moment kan. Maar kan je opdrachtgever je verplichten om op vaste momenten of op een vaste plek bij overleggen te zijn, terwijl dat voor het resultaat niet nodig is, dan voldoe je hier niet aan.
- Je werkt voor eigen rekening en risico. Je kunt profiteren als je sneller of beter werkt, en je loopt financieel risico, bijvoorbeeld als je schade veroorzaakt of als een klus meer tijd kost dan gepland.
Waarom dit voor online dienstverleners een belangrijk punt is
In de toelichting bij het voorstel staat dat je in ieder geval níet voor eigen rekening en risico werkt als je voor een bepaalde periode werk doet tegen een vergoeding die alleen afhangt van het aantal gewerkte uren. Veel online dienstverleners werken juist op uurbasis. Of hetzelfde geldt voor een strippenkaart of een abonnement met een vast aantal uren per maand, zegt de toelichting niet. Hangt je vergoeding ook dan alleen af van het aantal gewerkte uren, dan ligt het voor de hand.
Blijft dat zo in de definitieve wet, dan kom je met zo'n afspraak niet in de veilige haven. Dat betekent niet dat je werknemer bent. Het betekent wel dat je de zekerheid van de nieuwe wet mist en dat je situatie op de huidige manier wordt beoordeeld. Een concreet resultaat tegen een vaste prijs sluit beter aan bij het voorstel.
Hoe laat je zien dat je aan de zelfstandigentoets voldoet?
Volgens het voorstel ligt het in de eerste plaats bij jou om dat te onderbouwen, want jij hebt die informatie. Reken er dus op dat opdrachtgevers je straks om een schriftelijke bevestiging of bewijsstukken vragen. Geef daarbij altijd juiste informatie: liegen of onjuiste informatie geven kan ertoe leiden dat de overeenkomst met je opdrachtgever wordt vernietigd.
Het kabinet onderzoekt daarnaast of er een vrijwillige modelverklaring kan komen die een deskundige, bijvoorbeeld je accountant of belastingadviseur, kan afgeven. Die gaat alleen over de zelfstandigentoets en krijgt geen wettelijke status, maar kan het voor jou en je opdrachtgever wel makkelijker maken.
Wat hetzelfde blijft
Tot de Zelfstandigenwet er is, blijft de huidige toets gelden, ook als iemand zich op het rechtsvermoeden beroept: dat verschuift alleen wie wat moet bewijzen. Een rechter of de Belastingdienst kijkt naar alle omstandigheden samen, zoals hoe je werk en werktijden worden bepaald, of je ingebed bent in de organisatie van je opdrachtgever en of je je als ondernemer gedraagt. Dat zijn de gezichtspunten uit het Deliveroo-arrest van de Hoge Raad uit 2023. In de Uber-zaak van 2025 heeft de Hoge Raad verduidelijkt dat hoe je je naar buiten toe als ondernemer gedraagt, op dezelfde manier meetelt als de andere gezichtspunten. Er is geen vaste rangorde.
Werk je met een goedgekeurde modelovereenkomst van de Belastingdienst? Die worden uitgefaseerd: modelovereenkomsten die op 6 september 2024 goedgekeurd waren, gelden nog tot eind 2029, tenzij ze eerder worden ingetrokken, bijvoorbeeld omdat ze door nieuwe wetgeving niet meer kloppen. Ze geven alleen zekerheid over de loonheffingen, en alleen als je in de praktijk ook werkt zoals erin staat. Papier alleen beschermt je niet.
Wat je nu al kunt doen
- Reken je werkelijke uurtarief uit, zonder btw. Let vooral op als je een instaptarief, korting bij veel uren of een vaste prijs hanteert.
- Houd je uren bij, ook bij vaste prijzen. Voor het urencriterium doe je dat waarschijnlijk al, en het helpt als er ooit discussie komt over je tarief.
- Leg vast wát je oplevert, niet hoe. Hoe concreter je de opdracht omschrijft, hoe minder je opdrachtgever onderweg hoeft bij te sturen.
- Bepaal zelf waar en wanneer je werkt, en spreek alleen vaste tijden of een vaste plek af als het werk dat echt vraagt.
- Zorg voor meerdere opdrachtgevers en houd bij voor wie je werkt.
- Kijk naar je voorzieningen, zoals een aansprakelijkheidsverzekering, een arbeidsongeschiktheidsverzekering of pensioenopbouw. Ook los van deze wetten is dat verstandig.
- Laat de praktijk kloppen met je contract. Dat was al zo, en dat blijft zo.
Dit artikel geeft algemene informatie en is geen juridisch advies voor jouw specifieke situatie. Stand van zaken: 3 oktober 2026.
Bronnen
- Wet rechtsvermoeden arbeidsovereenkomst op basis van uurtarief (Staatsblad 2026, 158)
- Besluit inwerkingtreding per 31 december 2026 (Staatsblad 2026, 207)
- Memorie van toelichting, Kamerstuk 36 783, nr. 3
- Nota naar aanleiding van het verslag, Kamerstuk 36 783, nr. 7
- Internetconsultatie Zelfstandigenwet, met conceptwettekst en toelichting
- Rijksoverheid: kabinet kiest voor meer rust en duidelijkheid voor zzp'ers en opdrachtgevers (6 maart 2026)
- Ondernemersplein: laag uurtarief van zzp'er kan leiden tot arbeidsovereenkomst